[ Home ]  
 
 
 
DE MOTOR
KARAVAAN

 
 
 
Dagboek

NEPAL OVERLAND 2010

6 April - Door: Rob de Jong
Bijzondere Mensen

   

We waren erg moe toen we in new Delhi aankwamen, Jan en ik. Het verliezen van een paspoort kost heel erg veel energie en zolang we niet weten hoe het allemaal verder zal gaan ga je verder op je reserves. Allereerst moeten we op zoek naar een hotel.

Ik besluit Vir te bellen. In 1999 tijdens onze wereldreis hebben Dafne en ik Vir leren kennen en het contact is altijd blijven bestaan. De verrassing is groot als ik hem bel. Hij regelt direct een hotel voor ons voor een motorvriendelijke prijs. De afspraak om dezelfde avond iets te gaan eten wordt ook gemaakt.

"Weet je," zeg ik even later tegen Jan, "ik heb geen idee hoe Vir er nu uitziet, want behalve van wat ik me herinner van 10 jaar geleden, kan ik mij slechts vaag een foto van een kale Vir herinneren, die hij ons een keer vanuit een bedevaartoord in India stuurde". Onrustig speur ik naar de mensen in de lobby van het hotel. Een dikke man komt zuchtend de trap aflopen. Het postuur komt niet overeen met de energieke stem door de telefoon. Een paar minuten later kijkt een jonge slanke man naar ons. Zou dat hem dan zijn? Maar nee, die gok is ook fout.

"Rob," hoor ik achter me. Ik draai me om herken hem direct. Vir is het prototype van een levensgenieter. Duidelijk te zwaar maar niet lijdend daaronder. Het haar heeft weer een plek op zijn schedel gevonden maar de slimme pretoogjes zijn hetzelfde gebleven. Hij ziet er zeer westers uit en stelt ons voor aan zijn vriendin die er als een anti Vir uitziet klein, mager stil en in een prachtige Indiaase sarie gekleed.

De avond wordt gevuld met herinneringen en toekomstplannen. Er wordt gelachen en er worden problemen besproken en de politiek krijgt een veeg uit de pan. Vir geeft ons een stadstour kado in zijn iets te kleine auto en vertelt over kerken en zijn favoriete eten, zijn dromen en nog te maken reizen, zijn hoop op zakelijk succes en zijn tijd in Londen.

Vir is westers op en top totdat hij mij vraagt over mijn karma en mijn chakras Dan ineens is Vir weer de Indiër in een westers pak. Vir is een wereldburger en een burger van deze wereld. Zelden voelde ik mij zo blij een vriend als Vir te hebben.

- - - -

Een lange magere en pezige man, gehuld in een witte doek met een gele sjaal om zijn nek, loopt naar het gesloten hek van de Nederlandse ambassade in New Dehli. Zijn grijze haar is strak naar achter gekamd en zit in een knot op zijn achterhoofd samengebonden. De lange grijze baard is verzorgd en zijn huid is gekleurd door de zon. Op zijn neus rusten dikke glazen in een goudkleurige montuur. Ze geven hem ongetwijfeld een breed beeld van de wereld om hem heen. Hij is lang genoeg om zijn paspoort over het hek te tonen aan de corpulente man aan de andere kant. Deze is onverbiddelijk en maant hem terug naar de rij wachtenden waar wij er twee van zijn.

Ik praat met Jan over de afgelopen dagen en we spreken onze hoop uit dat het allemaal snel geregeld zal worden met de papieren van Jan. De man lijkt niet geintereseerd in ons maar meer in een flyer die iemand uitdeelt aan de rij wachtenden. “Vlieg goedkoop naar Bangladesh” staat er in het Engels op. Het doel van die flyer ontgaat me volledig want we staan hier in de Nederlandse ambassade en dus lijkt me “Vlieg goedkoop naar Amsterdam” beter gepast.

Wat voor motor rijd je, vraagt de man in witte doek me in het Nederlands en we raken aan de praat. Henricus van Slooten heeft een nieuw paspoort nodig omdat hij binnenkort zijn 90-jarige moeder in Denekamp wil bezoeken. "Ik ben al vanaf 1989 werkzaam in India," zegt hij en legt uit dat hij in oude Indiase talen geschreven teksten in het Engels vertaalt.Volgens Henricus is dit nog nooit eerder gedaan.

Hij is al 5 jaar niet meer in Nederland geweest. “Is er veel veranderd,” vraagt hij. Een vraag waar ik moeite mee heb want je kunt dat alleen opmerken als je zelf een tijd weggeweest bent en wij zijn al weer bijna 10 jaar terug van onze grote reis. "Tsja," begin ik, "het gaat snel in Nederland, moderne samenleving he. Henricus vindt dat ook en we gaan zitten in de wachtruimte van de Nederlandse ambassade.

Dan ziet Henricus een aantal Nederlandse kranten liggen. "Oh kijk, een krant," roept hij verrukt uit en begint driftig te bladeren door de badzijden. Ineens is hij niet meer de ascetische bijna Indiër van Nederlandse afkomst, maar weer de Nederlander die de krant leest. Later besef ik me dat het vooral dit soort gebeurtenissen zijn die het reizen zo de moeite waard maken. Vriend Vir en Henricus van Slooten, zomaar twee mensen die kleur geven aan het ongeplande bezoek aan New Delhi.

 

 
 
 
Ontwerp:

(c) Copyright 2004 - 2009 by Studio R&D
Alle auteurs- en beeldrechten zijn voorbehouden en
mogen niet zonder schriftelijke toestemming voor welk doeleinde dan ook gebruikt worden
Zie ook de
disclaimer